Energielabel nieuwe vorm

Haarlem, Friday, May 17, 2013

De minister voor Wonen en Rijksdienst heeft in een brief aan de Tweede Kamer een voorstel gedaan voor een sterk vereenvoudigde systematiek rondom het energielabel voor woningen. Dit volgt op het in november jongstleden door de Tweede Kamer compleet verwerpen van het eerdere wetsvoorstel “Kenbaarheid energieprestatie gebouwen”.

In datzelfde debat werd met ruime meerderheid een aantal moties aangenomen, die opriepen tot aanzienlijke vereenvoudiging, minder administratieve en financiële lasten voor de consument en tot veel gematigder sanctiebeleid. De NVM heeft in de maanden voorafgaand aan die parlementaire behandeling intensief gelobbyd voor dergelijke versoepeling en ertoe opgeroepen de betreffende Europese richtlijn EPBD niet strenger dan noodzakelijk te implementeren. De minister geeft nu invulling aan die wens, die aldus ook in meerderheid in de Tweede Kamer leeft. 

Bij het nieuwe voorstel gaat het om een energielabel dat met veel minder woningkenmerken kan worden bepaald. Hierdoor is het mogelijk dat consumenten deze zelf kunnen invullen. Het energielabel kan na invoering van de kenmerken op afstand door een deskundige vastgelegd worden; er hoeft dan dus geen labelaar ter plekke te komen. De kosten worden hiermee geminimaliseerd en tegelijk kunnen verkopende huiseigenaren met dit vereenvoudigde energielabel wel voldoen aan de (reeds geldende) verplichting.

Ook het buiten proportionele eerdere voorstel van een overdrachtsverbod bij ontbreken van een energielabel is van tafel. De gedachte van het ministerie gaat nu uit naar het hanteren van een bestuurlijke boete en handhaving op basis van steekproef. In veel andere EU-lidstaten worden de zaken op vergelijkbare wijze geregeld.

De NVM is in de afgelopen maanden in diverse gesprekken, bijeenkomsten en klankbordvergaderingen geconsulteerd door het ministerie voor Wonen en Rijksdienst en kan zich goed vinden in de nu voorliggende schets van een nieuw wetsvoorstel. Vanzelfsprekend zal zij nog resterende kanttekeningen en suggesties wederom overbrengen aan zowel het ministerie als parlementariërs. 

De Tweede Kamer spreekt eind mei over de hoofdlijnen, waaruit moet blijken of de minister inderdaad voldoende steun heeft om een en ander uit te werken tot een volledig wetsvoorstel. 

terug naar het nieuwsoverzicht