Vrijstelling overdrachtsbelasting Rijksmonumenten

Haarlem, Thursday, June 18, 2009

Op 1 mei 2009 oordeelde het Hof Den Haag dat de beperking van artikel 15.1.p WBR tot verkrijgingen door rechtspersonen die hoofdzakelijk de instandhouding van monumenten ten doel hebben, in strijd is met het gelijkheidsbeginsel. Volgens het Hof kan deze vrijstelling van overdrachtsbelasting ook gelden voor natuurlijke personen.

De Staatssecretaris van Financiën heeft medegedeeld dat hij voorlopig berust in deze uitspraak.

Verkrijging van een rijksmonument is vrijgesteld van overdrachtsbelasting ongeacht of het monument wordt verkregen door een natuurlijk of een rechtspersoon. De voor een rechtspersoon geldende voorwaarde dat deze hoofdzakelijk de instandhouding van monumenten ten doel heeft, komt te vervallen.

De goedkeuring geldt met terugwerkende kracht tot en met 1 mei 2009. Indien op of na 1 mei 2009 voldoening op aangifte heeft plaatsgevonden dan wel een naheffingsaanslag onherroepelijk vast te staan, zal de inspecteur op verzoek teruggaaf of vermindering van overdrachtsbelasting verlenen.

Let op: De verruimde toepassing van de vrijstelling heeft een voorlopig karakter. Dit voorlopige karakter is ingegeven door het feit dat momenteel een evaluatie plaatsvindt van de vrijstelling. Voor meer
informatie zie de website van het Ministerie van Financiën http://www.minfin.nl/.

terug naar het nieuwsoverzicht